Martin Simek - Interviewer Martin Simek bij EO
Bea Kastrop
“Kijk”, zegt Martin Simek met een glimlach, en hij pakt de schelp die aan een touwtje om zijn nek hangt tussen twee vingers. “Die heeft mijn zoontje net in een brief opgestuurd. We hebben die schelp samen gevonden. Er zat al een gaatje in en ik zei: daar maken we voor jou een ketting van. Dat ben ik vergeten en nu heeft hij een ketting voor mij gemaakt en die samen met zijn tekeningen opgestuurd.”
Simeks vriendin Iris en hun twee zoontjes, Chacha van vijf en Nuru van drie, zijn in Italië, terwijl pappa in Nederland druk doende is met zijn televisieprogramma. In Simek voor de verandering interviewt Martin Simek christenen over hun geloof in God en of dat geloof daadwerkelijk verschil maakt wanneer er ingrijpende veranderingen in het leven plaatsvinden.
De non-conformistische meesterinterviewer kent die manier van geloven zelf niet en dat is een van de redenen waarom de EO verrassende gesprekken verwacht. We wandelen naar het Amsterdamse kaaswinkeltje om de hoek van zijn huis, waar we verder praten bij een kaasplankje en glas wijn.
Simek: “Dus de vraag is of ik in God geloof?”
Ik wil graag weten of geloof en geloven voor jou persoonlijk iets betekent.
Na een moment van stilte: “Het is eigenlijk net als met lopen. In mijn herinnering heb ik altijd gelopen. Er was een periode waarin ik niet kon lopen, maar die kan ik me niet herinneren."
"Zo heb ik ook altijd geloofd. Maar ik heb er, net als bij lopen, nooit bewust bij stilgestaan. Pas sinds de EO mij vroeg om die serie te presenteren, sta ik bij mijn geloven stil. En plotseling merk ik dat ik me er aan stoor wanneer ergens wordt geschreven dat ik ongelovig ben.”
Omdat het niet klopt?
“Ik ben zeker niet ongelovig. Ik zou mezelf eerder iemand noemen die niks van God weet. Een gelovige zal dan zeggen: lees de Bijbel, dat is Gods woord. Maar dat de Bijbel Gods woord is, is een geloofsaanname. Dus dat helpt niet. Opnieuw valt er een stilte, waarna Simek vervolgt: “Ik hou heel veel van de natuur. Van de schepping dus. Ik hou enorm van de schepping, hoe die dan ook tot stand is gekomen.”
Dat is voor jou niet belangrijk?
“Als iemand mij kon vertellen hoe die tot stand is gekomen, dan zou ik dat heel interessant vinden. Maar wie kan mij dat vertellen? Ik hou niet van speculaties. Wij hoeven dat mysterie niet op te lossen en we hoeven het zeker niet als een probleem te zien. Ik vind wel dat we het mysterie moeten léven."
"Als iemand in de stad geboren en getogen is, kan ik me voorstellen dat hij het scheppingsverhaal eerder als iets theoretisch ziet. Dat zo iemand zegt: de wereld is mensenwerk. Maar als je in de natuur bent, zie je dat dat geen mensenwerk is. Ik ben zelf ook geen mensenwerk. Ik ben wel het werk van mijn vader en moeder, maar mensen en dieren zitten zo wonderlijk in elkaar dat het geen mensenwerk kan zijn."
"Daar reageer ik op met nederigheid. Want het vervult mij met een enorm respect voor de Schepper. Wie of wat dat ook moge zijn. En ik hoef helemaal niet te weten wie of wat dat is, omdat dat weer speculatie is. Evolutietheorie of welke theorie dan ook interesseert me niet. Ik zie het resultaat en het resultaat is te groot voor theorieën. Dus: ik heb er nooit bij stilgestaan, maar natuurlijk geloof ik.”
In het mysterie.
“Precies. En dat mysterie leven wij. En het is ook duidelijk dat ik daar een nederige rol in speel. In de natuur ben je niks. Als je in een bos staat waar de bomen tot de hemel reiken en je kijkt omhoog… wie ben je dan nog?”
Zijn dat spirituele momenten?
“Wat zijn dat?”
Momenten van totaal opgaan in dat mysterie?
“Dat zijn bij mij geen momenten; dat is voortdurend zo. Er is een zeer afgelegen plek in de bergen van Calabrië... als ik wist dat ik nog drie maanden te leven had, dan zou ik daarheen gaan en daar blijven. Die plek is zo goddelijk dat drie maanden daar tot eeuwigheid gemaakt worden.”
Hoe heb je die plek gevonden?
“Ik kwam daar bij toeval terecht toen ik de oorsprong zocht van de twee beekjes die op ons terrein bij elkaar komen. Op een van mijn tochten kwam ik op een plek waar een oude sinaasappelgaard lag. Ik vond het daar zo mooi dat ik er ieder jaar ging schoonmaken zodat niet alles overwoekerde. Iris zei: waarom koop je het niet, want dat moeilijk bereikbare stukje kost niks. Dat heb ik gedaan."
"Elk jaar plukken we daar zoveel sinaasappels als we nodig hebben en die nemen we mee naar beneden. Dat kleine stukje gecultiveerd mensenwerk is helemaal omringd door bergen en wildernis. Dus ik ben daar een soort eerste mens. Het is een wonder. Als ik een echte kerel was, dan zou ik daar nú al zitten in plaats van te wachten tot het einde van mijn leven.”
Wat weerhoudt je daarvan?
“Ik wil de kinderen graag Nederlands, Tsjechisch en Italiaans leren. De drie talen die ik zelf spreek. Maar niet uit boeken. Een boek is natuurlijk leuk, maar nog leuker is het verhaal zelf beleven. Dus eigenlijk moeten we ook een jaar in Tsjechië gaan wonen. Later, want ik vind het nu belangrijk dat de jongste de jaren voordat hij naar school gaat voornamelijk in de natuur beleeft.”
Iris en jij waren al twaalf jaar samen toen er kinderen kwamen. Jij was bang dat het je vrijheid zou beperken.
“Ik dacht altijd dat me niks kon gebeuren als ik geen kinderen had. Dan zou ik nooit chantabel zijn, nooit alleen iets voor geld hoeven doen, nooit ja hoeven zeggen als het nee is, nooit in de sleur van een relatie blijven hangen. Zonder kinderen zou ik een eerlijk leven kunnen leiden en open kunnen zijn tegen iedere partner.”
Ben je die vrijheid nu kwijt?
“De kinderen hebben die vrijheid juist vergroot. Omdat zij écht vrij zijn. Zij hebben mij laten zien wat vrijheid is. Ik denk dat zij de laatsten in mijn leven zijn die mij de kans geven nog een flinke doorbraak te maken met mezelf. Ik leer van hen dat leven in het moment het enige is waar het om gaat. Net als de puurheid van emoties. Beschaving is eigenlijk een grote rem op onze emoties. Dus ik zou zeggen: ik leer mijn kinderen oversteken en zij leren mij het verhaal van de schepping te leven. Ik wil zo vrij zijn als ik was toen ik op de wereld kwam.”
Simek via internet
Na veertien jaar trok de RVU in december 2008 de stekker uit Simek ’s nachts, het interviewprogramma dat in de nacht van zaterdag op zondag op Radio 1 werd uitgezonden. Het werd wekelijks door ruim 155.000 mensen beluisterd. Martin Simek: “Sinds 18 april zijn er nieuwe uitzendingen van Simek ’s nachts op internet, op de site van het weekblad Elsevier. Voorlopig voor drie maanden. Bedoeld als een signaal naar de publieke omroep. Die krijgt 750 miljoen euro per jaar van het Rijk, maar er is geen plaats voor Simek ’s nachts, terwijl het publiek er duidelijk om vraagt.” Simek ’s nachts is te beluisteren op: www.elsevier.nl
B i o g r a f i e
Naam: Martin Simek
Geboren: 7 november 1948 in Praag
Privé (1): vluchtte in 1968 uit Tsjecho-Slowakije na de Russische inval.
Privé (2): heeft met zijn vriendin Iris twee zoontjes, Chacha (5) en Nuru (3). Woont afwisselend in Nederland, Italië en Tsjechië
Opleiding: Rechten in Praag; bedrijfseconomie in Nederland
Carrière: Was in de jaren tachtig tenniscoach van Michiel Schapers, die hij naar de 25e plek van de wereldranglijst hielp. Daarna werd hij bekend op radio en tv door zijn Slavisch accent en zijn on-Nederlandse manier van interviewen. Naast radio- en tv-presentator is hij cartoonist (voor De Groene Amsterdammer en NRC Handelsblad) en columnist. Bij de RVU-radio presenteerde hij vanaf 1994 Kleur bekennen, dat een jaar later ook op tv verscheen. Tot 2008 presenteerde hij Simek ’s nachts. Dit jaar ging hij aan de slag bij de EO, met Simek voor de verandering.
NCRV-gids editie 18, 2 mei t/m 8 mei 2009.