Carlos Ruiz Zafon

Wat is het geheim van Zafóns succes? Wij wilden het weten en u ook. Bewapend met uw vragen – ingezonden na een oproep in de nieuwsbrief van Miekes leesclub – togen we naar Amsterdam.

De haast protserige stijl van de kamer van het Ambassadorhotel ademt een sfeer die meer past bij de rijke, barokke schrijfstijl van Zafón dan bij zijn eenvoudige verschijning. Waar voelt hij zich eigenlijk thuis? “Barcelona is waar ik geboren en opgegroeid ben. Los Angeles, waar ik elf jaar gewoond heb, koos ik zelf uit.

LA is de wereld. Er worden 128 talen gesproken, alle rassen kom je er tegen. Sommige mensen vroegen me: hoe is het om in Amerika te wonen? Dan zei ik: LA is niet Amerika, het is niets en alles tegelijk. Barcelona is weer heel anders, het heeft prachtige architectuur en veel historie. Ik woon er nu weer een deel van het jaar. Thuis is waar je hart ligt en dat kan op verschillende plekken zijn.”

INSPIRATIE
Liggen zijn bronnen van inspiratie ook overal?
“Schrijvers absorberen alles en slaan dan aan het analyseren. Voor mij persoonlijk waren er literaire invloeden, maar zeker ook andere. Mijn generatie – ik groeide op in de jaren zeventig - werd gebombardeerd met films. Van Martin Scorsese, Steven Spielberg, Brian de Palma. Het bijzondere was dat je er alleen maar kennis van nam op het moment dat een film uitkwam. Je had geen dvd’s of internet waarop je oudere dingen kon zien.

Bij boeken lag dat anders. Ik kon gewoon de grote romanciers uit de negentiende eeuw lezen: Charles Dickens, maar ook Hugo, Dostojevski, Tolstoi, Dumas. Als kind las ik verder graag thrillers van Raymond Chandler en Dashiel Hammett. Zo breed mogelijk. Ik was en ben allergisch voor mensen die zeggen: dat moet je niet lezen. Die hebben altijd een geheime agenda. Eigenlijk is het enige wat voor mij telt: is iets goed gedaan of niet?”

KEUZES MAKEN
Waar Zafón bespeurt dat mensen hun wil aan anderen proberen op te leggen, wordt hij fel. Carlos wilde al heel jong zijn eigen keuzes maken. Mensen vonden hem een vreemd jongetje. Lachend: “Ik paste niet zo. Ik was ongetwijfeld als baby na mijn geboorte in het ziekenhuis verwisseld. Op de lagere school schreef ik al toneelstukken, liep achter een camera dingen te filmen.

Toen ik negen of tien was, begon ik verhalen te schrijven. Met een clubje vrienden verkochten we ze. Een van de anderen had een vader met een kopieermachine. En onze marketeer bracht ze aan de man, onze horror-, spionnen- en rampverhalen. Het geld stroomde binnen, we waren voor ons gevoel nog maar één stap verwijderd van de Porsche. Maar toen kwam de kritiek van de docenten op mijn jezuïetenschool: de verhalen waren satanisch, respectloos, enzovoort. Uiteindelijk moesten we ermee stoppen. Dat was mijn eerste kennismaking met censuur.”

Al waren er thuis bijna geen boeken, er was wel televisie. “Ik herinner me dat ik naar beneden sloop op een avond toen ik geacht werd in bed te liggen. Ik was alleen thuis. Op het zwart-wit-tv’tje was een film, ik werd erdoor gehypnotiseerd. Het bleek Citizen Kane te zijn. Die beelden, de setting, de muziek: fascinerend dat dit allemaal uit niets gemaakt was. Magie. Dat wilde ik ook leren. Iets scheppen wat een verpletterende indruk op mensen kon maken.”

ONHERBERGZAAM
Voor De schaduw van de wind schreef Zafón vier jeugdboeken. Is dat voorgoed verleden tijd? ”
Het is grappig, toen ik De schaduw van de wind publiceerde, dachten veel mensen dat het mijn debuut was. Maar mijn eerste boek kwam uit in 1992 en kreeg een grote prijs voor jeugdliteratuur. Dat ging gepaard met een hoop geld. Omdat die jeugdboeken mij succes brachten, dacht ik: o jee, laat ik niet van de trein springen, want buiten ziet het er zo onherbergzaam uit.

Ik moest ervan leven, weet je. Maar ik had regelmatig het gevoel dat ik de schijn liep op te houden. Er waren plekken waar ik niet naartoe kon gaan in deze vorm van literatuur, onderwerpen die ik niet kon aansnijden, een toon en complexiteit die hier ongewenst was. Ik moest helemaal opnieuw beginnen. Maar ik ben nog steeds gek op die jeugdboeken. Inmiddels heb ik ook de rechten voor vertaling ervan verworven.” (Het eerste boek komt in het najaar van 2010 in Nederlandse vertaling uit bij uitgeverij Signatuur, red.)

VRIJHEID KOPEN
Zafón werkte ruim zes jaar als scenarist. Hoe kijkt hij daarop terug?
Opgelucht: “Dat doe ik niet meer. Op het laatst werd ik gek. Ik had altijd gedaan wat ánderen wilden. Ik zei tegen mijn baas: ontsla me nu maar, ik wil aan een boek werken. Natuurlijk kon ik me dat toen ook financieel veroorloven. Dat is niet alle schrijvers gegeven. Ik kon mijn vrijheid kopen en iets strikt persoonlijks maken. Ik kon het net zo spannend maken als ik zelf wilde. En niemand zou er meer een komma aan veranderen zonder mijn toestemming.”

Dat eerste boek in volledige artistieke vrijheid werd De schaduw van de wind. Het werd een geweldige bestseller; zowel in Spanje als in Nederland, Korea, Canada en Oekraïne. Was hij verrast door het succes?

“Ik wist altijd wel dat het een goed boek was, dat ik er niet voor niets zo lang aan gewerkt had. Maar ik vreesde het ergste. Zelfs mijn Spaanse uitgever zei dat dit het minst commerciële boek was in de Spaanse geschiedenis. Dat dit soort boeken waar je geen duidelijk label op kon plakken, niet verkochten in Spanje.”

LICHT EN DONKER
Waarom duurde het zeven jaar voor Het spel van de engel kwam? “Daar was ik wel al veel eerder aan begonnen, maar het succes van De schaduw van de wind vertraagde het. En ik had inmiddels een ander perspectief; de dingen die in mijn leven gebeurden, hadden het verhaal donkerder gemaakt. Viereneenhalf jaar werk heb ik weggegooid, ik ben helemaal opnieuw begonnen. Ik wist dat niet iedereen me dat in dank zou afnemen.

Het spel van de engel is controversiëler, verontrustender dan De schaduw van de wind. Dat is een verhaal van hoop en loutering. Het geeft je een goed gevoel over de wereld. Het spel van de engel is juist het tegenovergestelde, het is niet alleen somber vanwege het geweld of de spanning die erin zitten, maar de zwaarte zit in het boek zelf. Het gaat over iemand die in een afgrond stort, die grenst aan waanzin. Eén troost voor de lezers die dit niet waarderen: zo’n donker boek schrijf ik waarschijnlijk niet nog eens.”

VERLEIDEN
Uiteindelijk wil Zafón vier romans schrijven rond het thema ‘Het kerkhof der vergeten boeken’. We hoeven niet nog eens zeven jaar op het volgende boek te wachten, stelt hij ons gerust. Heeft hij voor de tussentijd nog leessuggesties?

“Nee, loop gewoon een boekhandel binnen en laat je verleiden. Wees niet bevooroordeeld. Denk voor jezelf. Pak boeken van de stapel of uit de kast en lees zomaar een pagina. Dan ontdek je snel genoeg of het boeiend is of waardeloos. Probeer ook eens iets waar je nog nooit van gehoord hebt. Verbreed je ervaring. Luister niet naar mensen die bepaalde boeken ontraden. En vind je iets niet leuk, ga er niet op lopen afgeven. Is het niets voor jou? Geef het door aan een ander.”