Ronald Giphart - ‘Ik ben niet plat’

Barbara van Gool

Een snikhete dag in Utrecht. De boekenkasten van Ronald Giphart (37) zijn tot de nok toe gevuld met een indrukwekkende hoeveelheid literatuur. Onder het maken van espresso vertelt hij een anekdote over zijn verblijf in Villa Felderhof. "Ik zat daar met marathonschaatser Erik Hulzebosch. Die kende ik vooral vanwege zijn accent, dat we in mijn studententijd imiteerden. Op een gegeven moment zegt ’ie tegen me: [Sallands accent] ‘Ronald, ben jij de bekendste schrijver van Nederland?’ ‘Nee,’ zeg ik, ‘dat is Harry Mulisch.’ Toen was het stil, haalde Hulzebosch zijn schouders op en zei: [accent] ‘Wie is dat dan?’ Ik: ‘Dat is de bekendste schrijver van Nederland.’ [Accent] ‘Waar ik vandaan kom, kent niemand Harry Mulisch.’ Het werd de running gag van de vakantie. Hulzebosch werd regelmatig op zijn mobiele telefoon gebeld en beëindigde elk gesprek met: [accent] ‘Hé, ik heb nog een vraag voor jou. Weet jij wie Harry Mulisch is? Nee, dacht ik al. En Ronald Giphart? Ja, da’s die schrijver ja.’ Haha. Je begrijpt: met mijn ego gaat het erg goed." 

Janken
Ronald Giphart debuteerde in 1992 met de roman Ik ook van jou. Daarna volgden onder andere Giph, Ik omhels je met duizend armen en Phileine zegt sorry. Dezer dagen verschijnt Heldinnen, waarin twaalf Nederlandse vrouwen zich letterlijk en figuurlijk blootgeven in foto’s van Eric van der Elsen en teksten van Giphart die met de vrouwen sprak over schoonheid, leven en zingeving.

Twee van zijn boeken zijn intussen verfilmd. "Van de eerste, Ik ook van jou, ben ik ziek geweest. Het is autobiografisch en ik hoopte dat het leven in de film zou lijken op mijn leven. In het boek heb ik geprobeerd op een vrolijke, amuserende manier jonge mensen en hun ontluikende seksualiteit weer te geven. De film is wat dat betreft niet in de geest van het boek. Bij Phileine zegt sorry heb ik betrokkenheid geëist. En ik ben tevreden over het resultaat. Het gebeurt me bijna nooit - behalve bij EO-films - maar ik moest janken aan het eind."

 

Zedeloosheid
‘Geilneef’, ‘plat en pornografisch’, ‘scholierenschrijver’. Giphart heeft het vele malen moeten lezen en moeten aanhoren. Hij haalt uit: "Het is natuurlijk leuk om vol te houden dat kritiek me niks interesseert, maar ik vind het helemaal niet leuk. Ik ben niet plat en zeker niet pornografisch. Zulke typeringen doen mijn werk onrecht aan. Dat er geslachtsdelen in voorkomen en mensen die met elkaar naar bed gaan, dat gebeurt. Maar dat is toch niet pornografisch? Pornografisch is als je een wereld oproept voor seksuele stimulans. Ik wil mensen laten nadenken, vermaken, ontroeren, kwaad maken. Opwinding mag daar ook bij, maar literatuur is per definitie niet pornografisch."

Ook de Boekenweeknovelle Gala werd gekraakt. "Ik was me er niet van bewust dat erin gevloekt werd. Maar de Bond tegen het Vloeken heeft het twee weken voor het uitkwam al in de ban gedaan. Ze vonden: ‘Er wordt een wereld in geventileerd van zedeloosheid en moreel verval’. Dat weiger ik te accepteren. Ik ben niet moreel vervallen. Waarom? Omdat personages vreemdgaan? Vreemdgaan is iets waar de bijbel mee volstaat."

In 2000 verscheen Ik omhels je met duizend armen. Daarin beschrijft Ronald Giphart de euthanasie van zijn moeder, PvdA-kamerlid Wijnie Jabaaij, die aan multiple sclerose leed. Het boek heeft twee verhaallijnen: een autobiografische, over het leven van zijn moeder dat eindigt met euthanasie, en een verzonnen lijn over een groep jongeren wier reis naar La Palma eindigt in een orgie. "Ik vond het te makkelijk een boek vol tranentrekkende emoties te schrijven. Ik wilde mensen door elkaar schudden door de werelden van Eros en Tanathos naast elkaar te zetten. Het leven van die jonge mensen die hun vrijheid exploiteren tegenover het leven van de moeder wier lichaam het gevecht heeft verloren."

Giphart heeft er vijf jaar over geschreven. "Na haar dood in 1995 begon ik meteen. Ze heeft zelf ook altijd gezegd: ‘Ik ga er wel vanuit dat je over me schrijft’. Het lukte aanvankelijk niet. Het ging te veel die tranenkant op. Ik had meer distantie nodig, moest er als een soort marionettenschrijver boven hangen."

"Eng? Nee, eng vond ik het niet, ik ben toch schrijver? Ik had het er van de week nog met mijn vriendin over: stel dat een van onze kinderen overlijdt, ga ik daar dan over schrijven? Ik kan me niet voorstellen dat ik dat níet zou doen."

Misbruik
Politiek speelde een grote rol in Gipharts jeugd. Zijn beide ouders waren politiek actief. "Ik kan me herinneren hoe hilarisch mijn oma het vond toen mijn zusje en ik, acht en elf, discussieerden over de vraag of het voor de PvdA een aderlating zou zijn met D66 een regering te vormen. Ik kende als tienjarige de hele ministersploeg. Er werd bij ons thuis vergaderd en campagne gevoerd. We werden opgevoed met het idee van de wereld een betere plek te maken."

Een paar jaar terug schreef Giphart een pleidooi voor een parlementaire enquête over de gebeurtenissen in Srebrenica. Normaal gesproken niet iets waar hij trots op is, zegt hij. "Het enige dat schrijvers moeten doen, is goede boeken schrijven. Met Srebrenica heb ik een uitzondering gemaakt. Ik was daar veel mee bezig, geraakt door de verhalen van nabestaanden die ik ontmoette. Toen een televisie-actie dreigde te mislukken, heb ik besloten als laatste noodgreep een blik schrijvers open te trekken. Ik heb misbruik van mijn schrijverschap gemaakt, maar zag het als laatste redmiddel."

Hij houdt altijd een boekje bij waarin hij notities maakt. Flarden van gesprekken, observaties, anekdotes en ideeën voor nieuwe boeken. Vorig jaar werd het gestolen. "Ik heb een stuk of tien romans klaarliggen als idee. Ik wil een boek schrijven over de Tweede Wereldoorlog, maar de aantekeningen daarvoor ben ik kwijtgeraakt door die diefstal. Ik ben nu bezig met een boek over een topkok. Dat komt volgend jaar uit. Over een kok van veertig die altijd wild heeft gekookt. Hij heeft een chateau in Frankrijk, waar een tv-programma wordt gemaakt en ligt onder vuur in de culinaire wereld, die het te extreem vindt wat hij doet. Daarop stelt hij zichzelf de vraag: waarom doe ik dit? Moet ik me aanpassen vanwege de kritiek? Haha, het lijkt wel een metafoor. En het gaat dit keer niet eens over vreemdgaan..."

23-29 augustus 2003