Suzanne Bosman: ‘Mensen hebben vast een mening over mij’

Suzanne Bosman presenteerde jarenlang het nieuws op tv, maar bij de radio voelt ze zich pas echt thuis. En wat andere mensen daar van vinden, deert haar niet. ‘Dat heb ik van mijn vader geleerd.’

Waar is jouw liefde voor journalistiek ontstaan?

“Ik werd in mijn jeugd omringd door kranten en de radio stond altijd aan. Mijn ouders waren erg geïnteresseerd in wat er gebeurde in de wereld. Toen Nixon in 1974 aftrad vanwege het Watergateschandaal, zette mijn vader me voor de televisie. ‘Je maakt nu geschiedenis mee’, zei hij. Zowel mijn Duitse moeder, die niet meer leeft, als mijn Nederlandse vader komen uit een familie van verhalenvertellers. We zaten altijd aan tafel met elkaar te kletsen, dat doe ik nu ook weer met mijn kinderen. Mijn vader is inmiddels 89 jaar en nog altijd heel goed op de hoogte wat er speelt, bijvoorbeeld in de politiek. Daar bellen we regelmatig over.”

Na tien jaar bij RTL Nieuws besloot je in 2014 terug te gaan naar de radio. Waarom?

“Grappig dat je dat zo zegt, teruggaan. Zo klinkt het alsof het een stap terug is, terwijl ik juist vérder ben gegaan bij de radio. Televisie wordt door veel mensen gezien als het hoogst haalbare, zo zie ik dat helemaal niet. Ik heb bij RTL een fantastische tijd gehad. Maar toen kwam Avrotros met Radio EenVandaag, waar ik in interviews meer de diepte in zou kunnen. Het leek me leuk om dat te ontdekken. Eerst presenteerde ik EenVandaag ook één dag in de week op tv. Omdat het voelde als een onderbreking van mijn radioweek ben ik daarmee gestopt.”

Wat maakt radio zo mooi?

“De intimiteit, als luisteraar voelt het alsof je bij de presentator en gast aan tafel zit. Dat vond ik al magisch toen ik als kind naar Langs de lijn luisterde, en later als tiener naar Ischa Meijer. Dit is de wereld waar ik bij wil horen, dacht ik toen.”

Het hele interview leest u in de NCRV-gids van week 20. Bent u geen abonnee, maar wilt u niets meer uit de gids missen? U kunt hier abonnee worden.

Tekst: Elselien van Dieren