Recensie Mieke
18 maart 2026
Fotocredit:

Recensie Mieke: Alles voor de reis van Adriaan van Dis

Dat hij met zijn vorige roman Naar zachtheid en een warm omhelzen de NS Publieksprijs won, gaf al aan hoe populair Adriaan van Dis is.

Alles voor de reis ★★★★

Dus met een boek over zijn geheime liefdesleven gaat helemaal het dak er af. Hij staat er al drie weken mee op nummer 1 in de CPNB top 60. Ongetwijfeld speelt enig voyeurisme hier ook een rol, maar toch.

Afgewisseld met scenes aan het doodsbed van zijn grote liefde, die hier Eefje heet, in een hospice neemt de ik-figuur de lezer mee op reis in de herinnering, verhalen over de reizen die ze hebben gemaakt en de plekken die ze hebben bezocht. Zo gingen ze samen op pad om gasten te ronselen voor het boekenprogramma dat Van Dis presenteerde en dat zij regisseerde. Een geweldige manier natuurlijk om langer samen te zijn. Want zij was officieel met een ander. Ze stonden op de stoep bij Ai WeiWei, (die niet thuis was) en reisden samen door Mexico en Zuid-Afrika.

Maar hun liefdesnestje was ‘een buitenhuisje achter de duinen – een houten kavalje gelegen tussen de bollenvelden en weiden, aan de rand van een terrein waar al decennia mensen met een kleine beurs hun caravan stalden.’ In kleine, mooie scènes mag je deelgenoot zijn van hun intieme leven.’

In een van de vele interviews noemt hij zichzelf een gewillig aapje, ‘ik heb me verbaasd over mijn eigen inschikkelijkheid. Eefje heeft me steeds opgevoed en gecorrigeerd.’ Nee, hij beschrijft haar helemaal niet zo sympathiek, egoïstisch soms, streng dus, en ook zuinig. Ze pikt stiekem boterkuipjes in hotels en knipt tubes crème doormidden. (Dat laatste doe ik trouwens ook.) ‘Ben je nu boos? Verklap ik geheimen?’

Ze blijft ongrijpbaar, dun op het anorectische af, maar hij blijft haar maar prachtig vinden in haar zomerjurkjes. Alles wat haar vervelend maakt, hemelt hij juist op.

Hij was blij met de brokken die hij kreeg, zoals hij zelf zegt.

Ik ken Adriaan al sinds hij bibliotheekwacht was op het instituut voor Neerlandistiek waar ik studeerde. En ik wist ook heus wel, met wie hij een verhouding had.  Het was een publiek geheim. En ik weet ook wie ‘de Ander’ is. Maar maakt dat uit? Is het voor lezers die van die hele driehoek niets afweten ook de moeite waard? Ik vind van wel, al kan ik het natuurlijk niet lezen zonder die kennis.

Met het zich postuum toe-eigenen van een liefde is hij niet de eerste. Renate Rubinstein gooide destijds een steen in de vijver van de literaire Amsterdamse wereld met ‘mijn beter ik’, waarin ze de jarenlange verhouding die ze had gehad met ‘de meest getrouwde man van Nederland’, Simon Carmiggelt openbaarde.

Ik snap het wel: je hebt je zo lang gedeisd moeten houden. Nooit mocht je met je geliefde in het openbaar verschijnen, en nu wil je dat iedereen het weet: dat deze liefde mooi was, en bijzonder.

Al ontkomt de schrijver niet aan enige wraakgevoelens tegenover ‘de Ander’.

‘Ik heb je as. De helft, ietsje meer dan de helft. Je gaat mee mijn graf in, als een geheim zaad, en dan worden we in de lente zichtbaar als mals gras. Groenblijvend.  

Uitgeverij Atlas Contact 204 blz. € 22,99 (e-boek € 14,99, luisterboek 19,99)

Back to top