Het verhaal van een moeder die na haar scheiding samen met haar dochter naar Sicilië reist in een zomer vol plotselinge stormen en vulkanische dreiging.
Wanneer je van alle kanten toegeroepen wordt dat dit zo’n geweldig boek is, is het lastig om het nog onbevooroordeeld te beoordelen. Ik ben bang dat het niet gelukt is. Ik kende deze Mexicaanse schrijfster nog niet, wat best schandalig is. Ik zie dat ze al eens de Dublin Literary Award heeft gewonnen en dat ze al een enorme staat van dienst heeft.
De schrijfster is op zoek naar een nieuw begin: ‘Hoe vind ik het opnieuw uit, het verhaal, onze levens?’ Ze trekt na een scheiding (het stuklopen van het traditionele verhaal) met haar dochter in een appartementje van een (ex-)minnaar, een pianist, in de buurt van de Etna. We volgen moeder en dochter en tegelijkertijd gaat het over het schrijven van dat verhaal. Een metaconstructie, die wel werkt maar soms de vaart eruit haalt.
Ze schrijft ergens: ‘Een roman over een moeder en haar dochter die ergens langs de rand van iets reizen, naar een ander tijdsbestek. Of is het geen roman, maar een essay? Misschien moet het maar een roman blijven zolang het geen essay is.’ Pff. Vermoeiend.
Dan is er nog een grootmoeder in Latijns-Amerika. Af en toe wordt er met haar geappt. Haar moeder, de overgrootmoeder dus van de puberdochter, is opgegroeid in Sicilië. Tijdens opgravingen heeft ze, als man verkleed, een mozaïek meegenomen, van Proteus, een Griekse zeegod die de toekomst kan voorspellen. Ja, het is een overvol boek, met al die lagen en thema’s en generaties. Maar vooruit, ik kan het nog aan.
Dochter wil dit mozaïek terugbrengen. Daarvoor reizen ze met de auto door Sicilië, nadat ze als een dief in de nacht het appartement van de pianist verlaten hebben. Die bleek een gewelddadig kantje te hebben. Ze komen langs de beroemde Villa Casale, met die prachtige mozaïeken, en belanden uiteindelijk bij een oude vriend, in een klein dorpje, vanwaar ze met boten moeten vluchten voor bosbranden. Ja, de vluchtelingenproblematiek zit er ook nog in, en de klimaatcrisis (bosbranden!)
Ook al is het beslist een knap boek, mijn ergernis groeide bij het lezen. Best raar eigenlijk, want een roman waar de klassieke oudheid doorheen geweven is, leek me, als oud-gymnasiast, bij voorbaat al een plezier. De ingewikkelde constructie schemert er soms opzichtig doorheen. En dan dat gekoketteer met eruditie: kijk eens hoe goed bekend ik ben met de Klassieken.
Vooral de dochter kon ik op het einde wel een schop verkopen, zo’n onwerkelijk ideaal voorbeeld van een slimme puber. De gesprekjes met haar die door het boek gestrooid zijn, kwamen wel erg gekunsteld over. ‘Wat is de Etna, mam? Een vulkaan. Is die gevaarlijk? Nee hoor, lieverd. Enzovoort. Dat deze onnozelaar later de Naturalis historia van Plinius geheel doorpluist, lijkt ongeloofwaardig. En wat die schimmige polaroids op het eind toevoegen? Hoe dit boek te lezen? Als een puzzel? Als een mythisch verhaal, een klassieke queeste? Er zit heel veel in en veel reflectie ook nog. Ik hou er rekening mee dat ik dit boek niet in al die facetten goed heb begrepen.
Uitgeverij Das Mag 352 blz. € 24,90 (e-boek € 12,99)