Een vrouw heeft afscheid moeten nemen van haar oudere zus.
De proloog speelt zich af in de jaren 60. Vera is 13, haar zus Brigitte 17. Vera is ijverig bezig ochtendbeschuitjes te smeren voor het gezin; Brigitte is ’s nachts weggebleven. Help! Het schetst de verhoudingen. De brave Vera en de flierefluiter Brigitte.
Toch hebben ze een goede band en als Brigitte, die met haar vriendin in Andalusië woont, opeens met een septische shock in het ziekenhuis belandt, is Vera nog net op tijd. Maar spreken doet ze haar niet meer. Of ze wil spreken op de uitvaart?
De dood van haar zus noemt Van der Meer zelf de oerknal van het boek. Vera wil rouwen, maar het lukt niet omdat ze te zeer in beslag genomen wordt door allerlei ellende en aftakeling om haar heen. Ze moet haar balsturige, dementerende schoonmoeder verzorgen. Dat doet ze weliswaar samen met haar man, maar hij wordt ook steeds zwakker en blijkt een hartkwaal onder de leden te hebben. En dan is er nog haar psychisch labiele zoon van 36, die door zijn vrouw de deur gewezen is. Met hem deelt ze haar moeizaam verworven eigen werkstudio.
Steun en troost vindt ze bij een groep zondagsvrienden die elkaar na de mis treffen in het café. ‘Alsof ze na de mis, waarin (…) ze hardop en in stilte gebeden hadden en hetzelfde sacrament ontvangen, ontvankelijker waren, ook voor elkaar.’
Iets wat me regelrecht uit Van der Meers leven gegrepen lijkt. Ze bekeerde zich op latere leeftijd openlijk tot het katholicisme, wat in die heidense literaire kringen destijds natuurlijk argwanend werd bekeken. Inmiddels is het christendom weer hip!
Ja, rouw, dood en aftakeling lopen als een rode draad door het verhaal. Kon je je in eerste instantie nog voorstellen dat de titel Waar wil je liggen? bij iemand associaties oproept van een bed of een strand, dan word je snel uit de droom geholpen. Wordt het Zorgvlied of De Nieuwe Ooster? Of toch Sint Barbara? Dat zijn begraafplaatsen in Amsterdam.
Toch is het geen somber boek: Van der Meer weet het licht te houden. En ik vind het wel mooi dat ze niet terugdeinst om onze sterfelijkheid onder ogen te zien. Het heeft gek genoeg iets verfrissends in een wereld waarin iedereen tegen de klippen op jong en fruitig wil blijven.
In het laatste deel onderneemt Vera een groepsreis naar Marokko, en daar, in de woestijn, vindt ze haar zusje terug. ‘Het kwam niet door het vooruitzicht van een bezoek aan de graftombes van een sultan en zijn vrouwen, het waren de sinaasappelbomen die het hem deden, hun geur. Ze strekte haar hand uit en bracht een takje naar haar gezicht. Ademde diep in en rook de sinaasappels op het houten aanrecht in Brigittes keuken, was met haar in die keuken.’
Vonne van der Meer heeft al een indrukwekkende lijst romans en verhalenbundels op haar naam staan. Ze wordt geroemd om de scherpe observaties van menselijke gevoelens en haar subtiele taalgebruik, en dat is volkomen terecht. Ik las niet alles van haar, maar de boeken die ik wel las, staan me nog helder voor de geest.
Uitgeverij Atlas Contact 240 blz. € 22,99 (e-boek € 13,99)